Dit jaar zeven augustus 2018 is het negentig jaar geleden dat Alphons Ariëns overleed op 68-jarige leeftijd in Amersfoort. Een schok ging toen door Nederland. De grote katholieke voorman was overleden. Het Centrum schreef op woensdag 8 augustus 1928 “Een der groten onder ons is heengegaan. Een der grootsten. Een man van buitengewone betekenis en die in ons land gedurende tientallen jaren baanbrekende arbeid heeft verricht. Een idealist en een werker, een fijnbesnaard, edel mens, een heilig priester.”

Alphons Ariëns

Alphonse Marie Auguste Joseph Ariëns (roepnaam: Phons) werd geboren te Utrecht op 26 april 1860 en overleed te Amersfoort op 7 augustus 1928. Hij was de zoon van Adriaan Willem Karel Ariëns, advocaat, en Lisette Christine Antonia Povel, huisvrouw. Pseudoniem: Pellegrino. Ariëns volgde van 1870 tot 1876 het gymnasium te Rolduc. Hij volgde hier ook het tweejarig filosoficum. Hij studeerde van 1878 tot 1882 theologie op het aartsbisschoppelijk seminarie te Rijsenburg en werd in 1882 tot priester gewijd met dispensatie voor zijn jonge leeftijd. Zijn theologiestudie te Rome (1882-1885), aan de Dominicaanse universiteit Minerva, rondde hij af met een promotie.Zijn driejarig verblijf in Italië vormde zijn persoonlijkheid ook in sociale zin. Hij woonde bij voorkeur in de arme volkswijken van Rome en vertoefde op Sicilië om de situatie van de arbeiders in de zwavelmijnen te leren kennen en bezocht in Turijn de priester Don Bosco, wiens sociale activiteit hem in Nederland tot overeenkomstige initiatieven zou inspireren. Tijdens zijn verblijf in Italië trad hij toe tot de Derde Orde van Sint Franciscus.

Kapelaan in Enschede

Na de studietijd werd hij in 1886 kapelaan in Enschede. Hij stichtte er door de ernstige sociale wantoestanden de R.K. Werkliedenvereeniging (3 november 1889), die de kiem was waaruit de katholieke arbeidersbeweging (KAB), later Nederlands Katholiek Vakverbond (NKV) gegroeid is. Voor de vorming van de arbeiders richtte hij het arbeidersweekblad ‘De Katholieke Werkman’ op. Met 41 onrechtmatig ontslagen arbeiders stichtte hij te Haaksbergen een coöperatieve textielfabriek, wat op een mislukking uitliep. Deze coöperatie leidde een wankel bestaan en ging in 1901 ten onder door een groot geworden schuldenlast. Om de schulden te voldoen verkocht Ariëns zijn door edelsmid Jan Brom vervaardigde kelk, die hem door zijn familie bij zijn priesterwijding was geschonken. Ariëns zorgde in Enschede voor de bouw van arbeiderswoningen en het stichten van verenigingsgebouwen. In 1895 stichtte hij de sociale drankbestrijding, uit welke beweging de nationale actie Sobriëtas is voortgekomen (1899). Er kwamen aparte verenigingen voor vrouwen, jongeren, priesters, journalisten en andere beroepsgroepen. Sobriëtas (uit het latijn) staat voor soberheid en nuchterheid, naam van een vereniging van diocesane bonden, ter bevordering der christelijke matigheid en tot bestrijding van het alcoholisme.
Ariens in Enschede 1888 foto S Goudsmit

Pastoor in Steenderen

Van 1901 tot 1908 was hij pastoor te Steenderen. Hij richtte zich toen ook op de bevordering van de godsdienstige en cultureel-maatschappelijke belangstelling binnen de katholieke gemeenschap. In 1903 werd Ariëns, evenals de antirevolutionaire sociale pionier Talma, benoemd tot lid van de staatscommissie tot het onderzoeken van de positie der arbeiders bij de spoorwegen. Later in het jaar volgde de benoeming voor een Commissie voor het tramwezen. Hij deed goed werk voor deze nationale commissies. In 1906 werd hij voor zijn verdiensten koninklijk onderscheiden als ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Op 15 augustus 1907 was de pastoor 47 jaar en vierde zijn 25 jaar priesterschap. Het geschenk bestond uit de oprichting van een sanatorium voor drankzuchtigen en de financiering geschiedde via het Dr. Ariënsfonds, waar de giften heengingen. Jan Toorop tekende het bekende potloodportret, waarvan replica’s verkocht werden ten bate van dit fonds.
Ariens lezend 1895 Foto S Goudsmit

Pastoor in Maarssen en overlijden

Vooral toen hij pastoor was te Maarssen (1908-1926) bezielde hij allerlei nationale bewegingen, zoals de katholieke vrouwenbeweging, het Geert Grote Genootschap en het missiewerk. In de eerste wereldoorlog 1914-1918 bood Ariëns aan Belgische vluchtelingen onderdak in de pastorie. In 1919 werd hij benoemd tot geheim kamerheer van de paus, een eretitel op grond van bijzondere verdiensten. Het toen gevormde felicitatie Comité kocht de kelk terug en gaf hem die tot zijn grote verrassing als cadeau terug. De laatste jaren van zijn pastoorschap was Ariëns veel ziek. Alles wat hij kreeg aan geschenken gaf hij weg. Hij leefde sober, als volgeling van Franciscus. In de zomer 1926 stemde de bisschop in met zijn emeritaat en nam hij afscheid van Maarssen.

Overlijden en roep van heiligheid

Op 7 augustus 1928 overleed Ariëns als emeritus pastoor te Amersfoort. Enkele dagen later, op 11 augustus, werd hij begraven op begraafplaats Beeresteijn gelegen aan de Straatweg te Maarssen. Na zijn overlijden nam de roep van heiligheid toe. Veel straatnamen werden naar hem genoemd, katholieke instellingen op het terrein van jeugd, welzijn, zorg, onderwijs, bewegingen. Er zijn speciale Ariëns instellingen geweest. Naar hem is sinds de jaren zestig de priesteropleiding van het Aartsbisdom Utrecht genoemd, thans het Ariëns Instituut. En de roep van heiligheid heeft geleid tot een omvangrijk historisch onderzoek, dat sinds 1958 voortgezet is in een formeel zaligverklaringsproces. Dat proces is thans gaande met het hernieuwd opstellen van de Positio super vita, virtutibus et fama sanctitatis Alphonsi Ariëns, die hopelijk volgend jaar ingediend kan worden bij de Congregatie voor Zalig- en Heiligverklaringen in Rome.

Boekje ‘Herder zonder bokken
Omslag Herder zonder bokken

Van zijn tijd in Steenderen is in 2001 door Maria Schotman-Harmsen een boek geschreven ‘Herder zonder bokken’. De titel is ontleend aan pastoor Ariëns zelf, die aan een vriend schreef “Ik voel me hier als een herder van een kudde schapen zonder bokken”. Ariëns was tot pastoor benoemd van de Sint Willebrordparochie met drie duizend inwoners en drie honderd communicanten. Hij was vaak dagen weg met werkzaamheden in den lande of het buitenland. Dat is het meest over hem bekend geworden. In Steenderen was hij een goede pastoor, die veel werk heeft verzet. Hij wordt in Steenderen met eerbied en respect genoemd. Maria Schotman heeft schriftelijke bronnen uit de tijd van Ariëns in Steenderen geraadpleegd, verhalen van mensen die Ariëns gekend hebben opgedolven en foto’s en afbeeldingen verzameld. Zo is een boekje ontstaan, waarin Ariëns in Steenderen tot leven komt. Vanwege de negentigste sterfdag van Ariëns wordt het boekje ‘Herder zonder bokken’ heruitgegeven. U kunt het boekje nu al met intekenkorting bestellen tegen een prijs van 12,50 euro (zonder verzendkosten) door een e-mail te sturen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
icon1

Ga naar boven