Opening studie- en vormingsjaar Ariënsinstituut
Wellicht zou mgr. Alphons Ariëns de eerste zijn om ons er nu aan te herinneren
dat het dit jaar 800 jaar geleden is dat de heilige Franciscus van Assisi gestorven is,
om precies te zijn 3 oktober a.s. Onze paus Leo XIV heeft daarom dit jaar uitgeroepen
tot een Franciscusjaar.
Ja, mgr. Ariëns zou ons daar zeker aan herinneren, want naast het feit dat hij met hart
en ziel priester was van het aartsbisdom Utrecht - eerst als kapelaan in Enschede,
daarna als pastoor in Steenderen en vervolgens in dit mooie dorp aan Utrechtse
Vecht -, hij was ook lid van de Derde Orde van de H. Franciscus. Dat is de tak van de
Franciscanen - naast de orde van de Franciscanen zelf en die van de Clarissen -
waarvan zowel leken als bisdom-priesters en diakens lid konden en kunnen worden
om te leven in de geest van Sint Franciscus: door gebed, eenvoud, zorg voor Gods
schepping, door vrede te bewerken, zeker ook door gerechtigheid voor armen.
Het was paus Leo XIII - de paus die kapelaan en later pastoor Ariëns zeer inspireerde
door zijn sociale encycliek Rerum Novarum, waarin hij o.a. opkwam voor de rechten van
arbeiders, waaronder die van vele vrouwen en kinderen - die de Derde Orde van Sint
Franciscus zeer bevorderde en er zelf ook lid van was.
Pastoor Ariëns richtte hier in Maarssen ook een Derde Orde van Sint Franciscus op
waarvan zijn parochianen lid konden worden, om met elkaar - in het leven van alle dag,
ieder naar eigen vermogen - in de geest van Franciscus Christus na te volgen.
Hij liet zich daarom ook niet begraven in zijn toog met paarse sjerp die hoorde bij zijn
eretitel monseigneur maar in een eenvoudige Franciscaner habijt. Dit had hij in zijn
testament vastgelegd.
Hier in deze kerk - vlakbij het tabernakel – bevindt zich een houten beeld van de heilige
Franciscus. Het is uit de tijd van de Barok, dus van vóór de bouw van deze kerk.
Het zou mij niet verbazen als pastoor Ariëns er zorg voor heeft gedragen dat dit beeld
hier in de kerk kwam. Dit beeld toont de grote heilige Franciscus - die al sinds zijn
overlijden 800 jaar geleden ook wel de Alter Christus ofwel de Tweede Christus wordt
genoemd - niet zoals tegenwoordig vaak met vogeltjes en andere dieren - hoe
toepasselijk ook - maar uitdrukkelijk alleen met een eenvoudig houten kruis in zijn
handen.
Ja, Franciscus als Alter Christus, Tweede Christus, dat werd zijn bijnaam.
Daar wordt niet mee bedoeld dat Franciscus een tweede Verlosser is - dat is alleen
Christus - maar wel een Tweede Christus omdat hij tijdens zijn leven de stigmata
ontving - de kruiswonden van Christus in zijn lichaam - alsook vanwege de wijze van
navolging van Christus door Franciscus, geheel in overgave aan de Heer,
dusdanig dat de mensen in hem helemaal Christus herkenden.
Franciscus heeft gehoor gegeven aan wat Jezus in het evangelie van deze zondag zegt:
“Als iemand achter Mij aan wil gaan, moet hij zichzelf verloochenen en zijn kruis
opnemen en Mij volgen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen;
Maar wie zijn leven zal verliezen omwille van Mij, zal het vinden.”
Dat is nogal wat, welbeschouwd …Ja, het kan ons doen terugdeinzen, afschrikken.
Dat is zeker bij Petrus het geval - notabene hij, de eerste van de apostelen,
door Jezus, zo hoorden wij afgelopen zondag, nog wel de ‘steenrots’ genoemd
waarop de Heer Zijn Kerk wil bouwen en die van Hem de sleutels van het Rijk der
Hemelen kreeg! - zeker Petrus begint bij deze woorden te steigeren.
En misschien wij ook wel … ten minste als het bij-Jezus-willen-horen
meer voor ons is dan enkel dat Hij ons vrede geeft, vertroosting en kracht.
Jezus maakt Zijn leerlingen - ons dus - duidelijk dat wie Hem wil toebehoren
en volgen - niet zichzelf moet zoeken, al helemaal niet het comfort van een
fijne positie of het eigen gelijk, maar die moet zoeken naar wat de Heer wil
en die moet bereidt zijn daarvoor offers te brengen. Ja, echte liefde vraagt offers.
Jezus navolgen brengt pijn met zich mee, het kruis, veelal niet te zien voor anderen.
Het is het kruis van de trouw aan Hem, aan Zijn bedoeling met ons leven en Kerk-zijn
ook tegen de druk van een ander of van anderen in die iets anders willen.
Het is ook het kruis van de gehoorzaamheid. Dat woog voor mgr. Ariëns zeker ook zwaar
als hij en zijn bisschop verschillende inzichten hadden en hij niet de waardering en
erkenning kreeg van zijn bisschop of medepriesters kreeg die hij verlangde.
Eeuwen geleden had de profeet Jeremia al ingrijpend ervaren dat gehoor geven aan,
gehoorzaam zijn aan wat God wil, ook lijden met zich meebrengt. Niet voor niets
is aan zijn naam ons woord ‘Jeremiëren’ ontleend O, wat heeft de goede man zich
beklaagd omdat hij zeer te lijden had omwille van de opdracht die God hem had
gegeven: om Gods eigen mensen weer tot inkeer te brengen.
Jeremia lijkt te bezwijken onder die druk, die last, maar diep in zijn hart weet hij:
de Heer heeft het verlangen om Hem trouw te zijn in mijn hart gelegd.
En niets en niemand kan, mag en zal uiteindelijk aan de Heer zelf weerstaan.
Ook de apostel Paulus heeft het kruis gedragen omwille van Christus,
met alle lasten die zijn roeping hem bracht. Hij heeft vooral een innerlijke strijd gevoerd,
maar wilde in alles de wil van God verstaan en volbrengen. Hij spoort ons in de
tweede lezing aan dat ook wij dat doen en onszelf aan God geven.
Ja, Paulus wist dat dat voor iedereen verschillend is - een gehuwde heeft immers een
andere roeping en taak dan bijvoorbeeld hijzelf als ongehuwde omwille van Christus -
maar allen zijn wij geroepen om ons deel te hebben aan het dragen van het kruis van
Jezus. Dat zijn de trouw en de liefde die tezamen beeld zijn van de Heer.
Vandaag, broeders en zusters, vieren wij Ariënszondag en daarmee ook de start
van het vormings- en studiejaar van onze priesterstudenten. Tot hen richt ik mij nu
in het bijzonder:
Mannenbroeders, Marko, Ties, Ze en Sebastiaan,
God geeft jullie een jaar van vorming en studie als een groot geschenk
om te groeien, om verder te groeien in wat Hij met jullie leven voorheeft
en dat is bovenal de persoonlijke vriendschap die Hij in Christus met jullie
en ons allen is aangegaan, een vriendschap die Hij wil verdiepen, doen groeien,
meer en meer, opdat Hij, Zijn liefde, in jullie en in ons allen mag oplichten,
ja, meer en meer herkend mag worden, zoals bij Franciscus van Assisi,
zoals bij mgr. Ariëns. Zij mogen zeker ook jullie inspiratiebronnen zijn in dit komende
studie- en vormingsjaar. En natuurlijk in het bijzonder ook Maria, de Moeder Gods,
ons aller Moeder, die een bijzondere weerspiegeling is van God,
van Zijn onvergankelijke liefde en trouw voor ieder van jullie, voor ieder van ons.
Moge de Heer jullie diepste verlangen meer en meer vervullen alsook dat van ons
allemaal, om Hem met vreugde te volgen, toe te behoren en om Zijn liefde te
verspreiden. Dat is de navolging die Christus van ons vraagt.
Een bijzonder teken daarvan is ook de aanstelling tot acoliet die gegeven wordt
in ons aartsbisdom Utrecht aan de kandidaten voor de diaken- en priesterwijding.
Een acoliet - dat van oorsprong Griekse woord betekent volger of begeleider -
een acoliet assisteert een diaken, priester of bisschop bij de dienst aan het
altaar, voor de eucharistische liturgie, waar het eens volbrachte kruisoffer van Jezus op
Golgotha voor ons present komt onder de tekenen van brood en wijn,
Zijn lichaam en Bloed voor ons op het kruis gebroken en vergoten.
Jij, Marko, wordt nu aangesteld officieel als acoliet, een belangrijke stap op weg naar
die diaken- en de priesterwijding. Je ontvangt deze aanstelling nu aan het begin
van jouw pastoraal jaar, jouw stagejaar, in de parochies van De Meern,
Vleuten en Leidsche Rijn alsook die van IJsselstein, Nieuwegein en omgeving.
Dat deze aanstelling en de vervulling van de taken van de acoliet jou met grote
dankbaarheid en vreugde vervult, en het diepe verlangen in jouw hart om van Christus
te zijn, mag doen toenemen, ook als het kruis gedragen moet worden.
Dat Franciscus en mgr. Ariëns jou, jullie priesterstudenten en ons allen mogen helpen
om van harte en toegewijd Christus te volgen en Hem in onze naaste te dienen.
Onze paus Leo zegt daarover in zijn eerste pauselijke brief Dilexi te van vorig jaar
heel treffend over de heilige Franciscus, als inspiratie voor ons allen:
“Zijn leven was een zich voortdurend wegcijferen; van het paleis ((van zijn ouders) naar
de melaatse, van de welsprekendheid naar de stilte, van het bezit naar de totale gave.
Franciscus heeft geen sociale hulpdienst gesticht, maar een evangelische
broederschap. In de armen zag hij broeders en zusters en ervoer Hij de weergave van de
Heer. Zijn missie was bij hen te zijn door een solidariteit die afstanden overwon,
door een medelijdende liefde. Zijn armoede was relationeel: zij bracht hem ertoe
naaste te worden, gelijk, ja zelfde de mindere. Zijn heiligheid ontkiemde uit de
overtuiging dat men Christus alleen maar echt kan ontvangen,
wanneer je je edelmoedig geeft aan je broeders en zusters.
Amen.
Voorbede Ariënszondag
Na de oproep tot gebed door de bisschop:
Voor heel de Kerk; dat in ons hart altijd het verlangen mag branden
om de Heer te volgen en Hem in onze naaste te zoeken en te dienen. Laat ons bidden: …
Voor onze paus Leo en allen die de Heer geroepen heeft
voor een ambt of dienst in de Kerk;
dat zij – naar het voorbeeld van Maria, Franciscus en mgr. Ariëns –
anderen Christus mogen doen kennen. Laat ons bidden: …
Voor deze parochie, voor onze nieuwe pastoor Hans Hermens,
en voor alle parochies en plaatsen waar het Evangelie wordt verkondigd
in woord en daad; dat de Heer ons allen zijn zegen en bezieling geeft. Laat ons bidden: …
Voor roepingen tot christelijke huwelijken en gezinnen,
tot het priesterschap, het diaconaat en het religieuze leven,
voor catecheten en diaconaal assistenten
en voor allen die daartoe een opleiding of vorming ontvangen,
in het bijzonder aan het Ariënsinstituut. Laat ons bidden: ….
Voor onze wereld, vooral voor hen die lijden onder oorlog, geweld, armoede
of natuurrampen; om kracht en een veilige en vredevolle toekomst. Laat ons bidden: …
Voor de intenties van deze viering …
en voor wat wij in stilte nu aan de Heer voorleggen … (even stilte houden.)
Bisschop sluit af.
![]()