30 augustus 2021 

https://www.aartsbisdom.nl/ariensherdenking-ariens-is-groot-voorbeeld-voor-ons/ gelezen op 30 augustus 2021.

ariens 2021 1

In Maarssen (parochie St. Jan de Doper) vond op 29 augustus de jaarlijkse Ariënsherdenking plaats. Bij het graf van Alphons Ariëns was een gebedsviering met mgr. Hoogenboom als agens, gevolgd door een Eucharistieviering in de nabijgelegen H. Hartkerk. Voor de studenten van de Utrechtse priesteropleiding het Ariënsinstituut geldt deze herdenking als de opening van het nieuwe studie- en vormingsjaar.

Ook Hub Crijns (vicevoorzitter van het Ariëns-Comité) woonde de Ariënsherdenking bij: “Alphons Ariëns (1860-1928) was priester van het Aartsbisdom Utrecht en lid van de Derde Orde van St. Franciscus. Als kapelaan in Enschede (1886-1901), pastoor in Steenderen (1901-1908) en pastoor te Maarssen (1908-1926) heeft hij zich in de geest van de katholieke sociale leer ingezet voor het welzijn van arbeiders, de positie van vrouwen en het bestrijden van alcoholisme. Hij verkondigde het Evangelie van liefde en gerechtigheid. In 1921 richtte hij het Geert Groote Genootschap op voor het bevorderen van de geloofseducatie en catechese onder de katholieken. Wij mogen Alphons Ariëns gedenken en bidden voor zijn zaligverklaring.”

ariens 2021 2
Hub Crijns en mgr. Hoogenboom voor het graf van Alphons Ariëns

ariens 2021 3

Ter gedachtenis van Ariëns
Een groepje mensen maakte ‘s ochtends de traditionele stille tocht van de H. Hartkerk naar de begraafplaats Beeresteijn. Daar werd bij het graf van Alphons Ariëns een korte gebedsdienst gehouden, muzikaal begeleid door enkele cantors. Mgr. Hoogenboom ging voor in gebed en stond stil bij de bijzondere betekenis van de Dienaar Gods Alphons Ariëns. “Wij danken God voor Alphons Ariëns, priester, man Gods, de man die God bij de mensen bracht en de mensen bij God bracht,” aldus de Utrechtse hulpbisschop. “Als priester heeft Alphons Ariëns de goede strijd van het evangelie gestreden, vaak onder moeilijke maatschappelijke en kerkelijke omstandigheden. Ofschoon hij als priester ten dienste stond van alle mensen, droeg hij bijzondere zorg voor de armen, de zwakken, de kwetsbaren, omdat Jezus Christus zich juist met die mensen verbonden voelde. We weten dat Alphons Ariëns tijdens zijn aardse leven de beproevingen niet zijn bespaard. Hij zal wellicht ook wel eens hebben gedacht: ik strijd de goede strijd, maar zal ik ook de overwinning behalen, zoals Paulus spreekt? Het is echter van alle tijden dat de strijd voor Christus en zijn Evangelie een heel weerbarstige is, maar één die we blijven voeren met hoop, geloof en liefde. De apostel Paulus voerde in zijn strijd slechts één wapen: het wapen van de liefde. De boodschap van Christus uitdragen, de gaven van Christus verder brengen, dat was zijn verlangen, zijn streven en zijn doel. Sinds het leven en de dood van Alphons Ariëns is er maatschappelijk en kerkelijk heel veel veranderd in onze wereld. Maar te midden van alle veranderingen blijft er het beeld van de stoere Utrechtse priester Alphons Ariëns, die de menslievendheid van God zichtbaar en tastbaar heeft gemaakt op tal van terreinen. Zoals in andere jaren danken wij God daarvoor op deze plaats waar zijn sterfelijk lichaam aan de aarde is toevertrouwd in de verwachting van de verrijzenis met Christus op de jongste dag. Moge het leven van de priester Alphons Ariëns ons in kracht van de Heilige Geest ons tot een inspirerend voorbeeld blijven.”

ariens 2021 3

ariens 2021 4

Strijd om oprechtheid
Daarna ging mgr. Hoogenboom voor in een plechtige Eucharistieviering in de prachtig versierde H. Hartkerk te Maarssen. Crijns: “Ariënszondag is in Maarssen altijd een hoogtijdag, ook nu was de kerk (met voldoende onderlinge afstand) goed gevuld. De stemmige Eucharistieviering werd opgeluisterd met zang door cantors, die eindigden met het huldelied voor Alphons Ariëns. Mgr. Hoogenboom legde in zijn preek een verbinding met de lezingen van de zondag. Daarin kwam de spanning naar voren tussen het volgen van wetten, regels en voorschriften die van buitenaf zijn opgelegd, of ontwikkeld vanuit het innerlijke denken, weten en geloven. Jezus blijkt een scherp onderscheid te maken tussen het van buitenaf opgelegde volgen, dat Hij kenschetst als huichelachtigheid, en het transparant van binnenuit uitstralen. Alphons Ariëns was volgens bisschop Hoogenboom een door en door gelovig mens, die vanuit een doorleefd geloof opkwam voor sociale gerechtigheid en apostel van liefde werd. Op die manier is hij voor ons een groot voorbeeld: zowel voor het innerlijk beleven van het geloof en het God liefhebben als door het uiterlijk uitdragen van het geloof en de medemensen liefhebben door te werken aan barmhartigheid en gerechtigheid.”

ariens 2021 6

icon1

Overweging Mgr. T. Hoogenboom
Ariënsherdenking Kerkhof Beerensteijn 

Maarssen, 29 augustus 2021

Broeders en zusters in Jezus Christus onze Heer,

Het is een mooie traditie dat we de zondag waarop we in de Heilig Hart kerk van Maarssen de jaarlijkse gedachtenis van de Dienaar Gods Alphons Ariëns vieren, beginnen hier op het kerkhof Beerensteijn waar hij op 7 augustus 1928 begraven is.  Wij danken God voor de priester Alphons Ariëns, de Dienaar Gods en dienaar van de mensen, wiens sterfelijk lichaam hier begraven is in het geloof dat Hij mag delen in het Pasen van de Heer. 

Lezing uit de Tweede Brief van de heilige apostel Paulus aan Timotheus (4, 6-8)
Want wat mij betreft, mijn bloed wordt weldra geplengd, het uur van mijn heengaan is nabij. Ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop voleind, het geloof bewaard. Nu wacht mij de krans der gerechtigheid, waarmee de Heer, de rechtvaardige rechter, mij zal belonen op de grote dag, en niet alleen mij, maar allen die met liefde uitzien naar zijn komst. 

Woord van de Heer – Wij danken God

Overweging

Zojuist hebben we twee verzen gehoord uit de Eerste Brief van de heilige Apostel Paulus aan Timotheüs. Paulus is een oude man en schrijft een afscheidsbrief aan zijn jonge medewerker Timotheüs. Paulus spreekt over de goede strijd die hij gestreden heeft.

Het leven kan een strijd zijn, dat zullen velen van ons herkennen. Je leven is niet zo gelopen zoals je had gehoopt. Je worstelt met teleurstellingen. In je relatie met andere mensen is strijd en onvrede. Ook kan het zijn dat je strijd voert met jezelf: Je zou zo graag veranderen, een nieuw begin maken, groeien en geloof, hoop en liefde, schoon schip maken … maar het lukt niet. Het is bitter als je strijdt terwijl je de vrede niet wint en het geluk niet vindt. Als je moe en teleurgesteld uiteindelijk het hoofd in de schoot moet leggen: Als je zeggen moet: "Ik heb de strijd gestreden en ik heb niets gewonnen, ik ben als een verliezer uit de bus gekomen". "Ik heb de vrede en de vreugde in mijn leven gemist". "Ik heb niet gewonnen, maar verloren".

Over welke goede strijd spreekt de apostel Paulus eigenlijk ? Niet de strijd met menselijke wapens, die de wereld helaas nog in bloed doet baden; maar de strijd van het martelaarschap. Dat woord betekent letterlijk het getuigen van Christus en zijn Evangelie. 

Als priester heeft Alphons Ariëns de goede strijd van het Evangelie gestreden vaak onder moeilijke maatschappelijke omstandigheden. Ofschoon hij als priester ten dienste stond van allen, droeg hij toch in het bijzonder zorg voor de armen, de zwakken, de kwetsbaren omdat blijkens het Evangelie de Heer zelf zich zo nauw met hen verbonden toonde. We weten dat Ariëns tijdens zijn aardse leven beproevingen niet bespaard zijn gebleven. Het is echter van alle tijden dat het strijden voor Christus en zijn Evangelie weerbarstig is

De heilige apostel Paulus hanteerde slechts één wapen: Het wapen van de liefde. Van hetzelfde wapen bediende Alphons Ariëns zich. In naam van de Heer heeft hij alles voor allen willen zijn zonder zichzelf te sparen. En God heeft hem de kracht gegeven om vol te houden, om het geloof te bewaren. 

Sinds het leven en de dood van Alphons Ariëns is er in zowel in de Kerk als in de wereld veel veranderd. Maar temidden van alle veranderingen blijft staan het stoere voorbeeld van die Utrechtse priester die de menslievendheid van God tastbaar en zichtbaar heeft gemaakt voor velen. Zoals andere jaren danken God daarvoor op deze plaats waar zijn sterfelijk lichaam begraven is in de gelovige verwachting van de verrijzenis.

Moge het leven van de priester Alphons Ariëns ons in kracht van de heilige Geest blijvend tot een inspirerend voorbeeld zijn.

Amen.

 

Ariënsherdenking in de Heilig Hart kerk te Maarssen

Overweging en preek Mgr. T. Hoogenboom

22ste Zondag door het Jaar (B) d.d. 29 augustus 2021

 

Inleiding

Traditiegetrouw vieren wij op de laatste zondag van augustus in de Heilig Hart kerk te Maarssen de gedachtenis aan de Dienaar Gods Alphons Ariëns. Hij leeft zoveel jaren na zijn dood nog steeds in de harten van veel gelovigen. De Maria-Ariëns kapel in de Jacobus de Meerdere kerk te Enschede trekt veel bezoekers. Het Ariëns-Comité heeft dit jaar zelfs een brochure en een bidprentje in de Engelse taal laten maken, want ook in het buitenland is er belangstelling voor de persoon, het leven en het werk van de Dienaar Gods Alphons Ariëns

In 1958 publiceerde Willem van der Pas een boekje met de titel “Alfons Ariëns, de apostel van de sociale rechtvaardigheid en van de klassenvrede in een door liefdeloosheid verdeelde wereld.” Als zoon van een advocaat en meester in de rechten ontwikkelde Alphons al op jonge leeftijd een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Reeds tijdens zijn studietijd in Italië, eind 19e eeuw, onderkende hij in het licht van het katholieke geloof het belang van de beoefening van de deugd van de sociale rechtvaardigheid. De priester Ariëns stond geheel open voor de wereld. Niet om zich aan de wereld aan te passen, maar om de wereld te richten naar Jezus Christus en met zijn Geest te vervullen. Het Evangelie van vandaag is een uitnodiging aan ons allen om naar het Woord van Jezus en naar het voorbeeld van de Dienaar Gods Alphons Ariëns God lief te hebben en onze naaste als onszelf.

 

Homilie

“Mogen we een keer bij u op bezoek komen? Wij willen graag meer te weten komen over het kerkelijk recht”. In de afgelopen jaren heb ik meerdere keren deze vraag van Utrechtse rechtenstudenten gehad. En telkens volgde er dan een boeiende ontmoeting in het bisschopshuis aan de Maliebaan.  Wat deze jonge juristen vooral boeide is de vraag hoe gerechtigheid en liefde zich tot elkaar verhouden. Een kwestie waarvoor heden ten dage in de profane rechtenstudie helaas niet of nauwelijks aandacht meer is. En daarom probeerde ik die studenten duidelijk te maken dat -en hoe- de liefde de gerechtigheid overstijgt. Recht doen is de ander geven wat hem of haar rechtens toekomt. Liefhebben gaat veel verder omdat het de ander daarenboven geeft wat “van mij” is.

Vandaag gaat het in de lezingen uit de Heilige Schrift over het hoe en waarom van Gods geboden en onze omgang daarmee.

De eerste lezing uit het Boek Deuteronomium is een groot loflied op de Wet, die het volk van Israël, uit Egypte op weg naar het Beloofde Land, van Godswege heeft ontvangen. De leider van het volk, Mozes, maakt zonder schroom reclame voor de naleving van Gods Wet; de religieuze voorschriften die zo volmaakt en wijs zijn dat andere volken vol van bewondering zullen zijn. Zij zullen zeggen: Wat een levenskunst heeft dat volk van Israël ! Wat een inzicht ligt er in hun godsdienstige leefregels vervat ! Mozes probeert het joodse volk ertoe over te halen om de geboden van God in acht te nemen. Hij zegt eigenlijk: "Leef ernaar, dan blijf je leven. Je levensgeluk hangt af van het onderhouden van Gods geboden". Zo luidt de lofzang op Gods wet in het Boek Deuteronomium. Maar die lofzang wordt wreed verstoord door een heel ander geluid dat we in het Marcusvangelie uit de mond van Jezus vernemen wanneer Hij van leer trekt tegen de wijze waarop Gods Wet door schriftgeleerden en farizeeën wordt uitgelegd en toegepast.

We ontmoeten Jezus als een geneesheer temidden van mensen die verlangen naar heling, naar heelheid van lichaam en geest, naar heil. Voor aller ogen geschieden er door Jezus wonderbaarlijke genezingen, maar dat maakt in ieder geval weinig indruk op de schriftgeleerden en farizeeën. Zij roepen Jezus namelijk ter verantwoording met de vraag: "Waarom gedragen uw leerlingen zich niet volgens de godsdienstige voorschriften en bepalingen en eten zij met ongewassen handen ?”

Laten we vooropstellen dat overal waar mensen met elkaar samenleven, eerst gewoonten en gebruiken en vervolgens veelal ongeschreven en geschreven normen, wetten tot ontwikkeling komen. Dat geeft orde en structuur aan het sociale verkeer, dat geeft zekerheid en veiligheid. Dat geldt niet alleen voor bijvoorbeeld het wegverkeer, dat zonder verkeersregels, en zonder mensen die zich er aan houden, helemaal vast zou lopen, maar het geldt ook voor onze omgang met elkaar. 

Ook de joden hadden allerlei regels en gewoonten die het dagelijks leven regelden. Veel van die regels hadden naast een sociale of hygiënische oorsprong ook een godsdienstige achtergrond. Die regels en gewoonten gaven namelijk ook identiteit aan het joodse volk. Door de eeuwen heen heeft het onderhouden van de godsdienstige rituelen joodse gelovigen steeds een "thuis" gevoel gegeven: Wie de sabbat onderhoudt, wie koosjer eet, die is verbonden met het volk van Israël, waar hij of zij ook woont. En bij het uiterlijk waarneembare gedrag hoorde ook een daarmee overeenstemmende innerlijke houding: het wassen van de handen was niet alleen hygiënisch gezien een goede zaak, maar er hoorde bij dat mensen zich innerlijk ook schoon of leeg maakten, ruimte maakten om het Woord van God in hun leven toe te laten. 

Je kunt het wel vergelijken met het kruisteken dat wij maken: een gebaar aan begin of eind van een gebed dat aangeeft dat we ons plaatsen voor het aangezicht van de Drieëne God. Bernadette Soubirous heeft ooit gezegd: “Het maken van een goed kruisteken is al heel wat.” Je kunt het gebaar van het kruisteken echter nog zo mooi en plechtig maken, precies zoals je het geleerd hebt, maar als je dat niet aandachtig, met hart en ziel doet waartoe dient het dan?

Daarmee raken we het hart van de discussie tussen Jezus en de schriftgeleerden farizeeën. Zij spreken Jezus er op aan dat zijn leerlingen zich niet houden aan de godsdienstige reinigingsvoorschriften. We mogen de geloofshouding van de schriftgeleerden en farizeeën overigens niet zomaar van de hand wijzen. Het was hun immers precies te doen om God eer te brengen door het onderhouden van zijn geboden. Jezus wijst deze bedoeling niet af maar wijst op het belang van de juiste gesteldheid van het hart. Of je als mens recht voor God kunt staan wordt niet bepaald door uiterlijkheden, maar door de vraag of je innerlijke gesteldheid wel in orde is. Wie zich beperkt tot louter uiterlijke godsdienstige rituelen moet even nadenken over wat Jezus vandaag in het Evangelie volgens Marcus zegt: “Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is ver van Mij.” ( Mc.7, 6).

Het gaat er om het juiste midden te vinden. Jezus leert dat een wetsbeleving waar het oprechte hart niet bij is, het gevaar loopt uit te monden in schijnheiligheid. Dit draagt niet bij aan een verinnerlijkt geloof. Maar evenzeer is het waar dat een geloofspraktijk die niet van Gods geboden als wegwijzers ten leven wil weten, de kans loopt te ontsporen in eigengereidheid, in eigenwijsheid.

De vraag is eigenlijk: Zijn wij transparante gelovigen? Is ons hart, zijn onze intenties zuiver en is ons handelen daarvan de weerspiegeling? Zijn onze binnenkant en buitenkant met elkaar in harmonie? Is ons handelen een eerlijke weerspiegeling van wat ons innerlijk bezield? Zijn wij, anders gezegd, mensen uit één stuk? Jezus wil ons duidelijk maken dat de strijd tussen goed en kwaad niet allereerst uiterlijk, in de wereld, maar in ons eigen innerlijk gestreden wordt. Hij wijst er op dat goed en kwaad uit ons hart voortkomen en dat het kwaad al kan zijn geschied lang voordat het in ons handelen tot uitdrukking komt. Waar het op aan komt is de juiste gezindheid van het hart. Jezus nodigt ons uit om de beker van ons bestaan op de juiste manier te reinigen: Eerst de binnenkant ... en dan komt de buitenkant vanzelf. Dan worden we mensen uit één stuk, transparante beoefenaars van barmhartigheid en sociale rechtvaardigheid. 

Alphons Ariëns was zo’n mens uit één stuk. Hij besefte: De beoefening van de gerechtigheid is onlosmakelijk met de liefde verbonden. Van de ene kant vereist en veronderstelt de liefde de gerechtigheid: de erkenning en eerbiediging van de legitieme rechten van de ander. Van de andere kant overstijgt de liefde de gerechtigheid en voltooit die door méér te doen dan het gewone. Zelf horend naar het Woord van God zoals dat tot hem kwam in de dagelijkse viering van de Heilige Eucharistie, in het getijdengebed, in studie en meditatie, heeft Alphons Ariëns met een verinnerlijkt geloof en met inzet van al zijn gaven van hoofd en hart gewerkt op het terrein van caritas en diaconie. Zo heeft hij in woord en daad Gods liefde bekend gemaakt, tastbaar en zichtbaar gemaakt voor de mensen van zijn tijd in Italië, Enschede, Steenderen, Maarssen en waar al niet meer.

Moge zijn nagedachtenis ons tot zegen zijn.

Amen.

icon1

21 november 2019

https://www.aartsbisdom.nl/kardinaal-eijk-boodschap-ariens-ook-nu-actueel/ gelezen op 17 december 2019

De jaarlijkse Ariëns-gedachtenisviering werd ook dit jaar gehouden op de derde zondag van november. Kardinaal Eijk was hoofdcelebrant in deze Eucharistieviering in de St. Jacobuskerk te Enschede. Pastoor Paul Daggenvoorde (Jacobus de Meerdere-parochie) concelebreerde, geassisteerd door diaken Th. Reuling ofs (parochie H. Gabriël), lid van de Orde van Franciscaanse Seculieren en van het Ariëns Comité.

Zoals gebruikelijk verleende de Kon. Enschedese Leo Harmonie medewerking aan de viering. Deze harmonie werd in 1893 door Ariëns zelf opgericht. Na de H. Mis was er een informeel samenzijn in het parochiecentrum.

In zijn preek verwees kardinaal Eijk naar de lezing die hij eind 2018 in het Techniekmuseum in Hengelo hield voor het symposium ‘Kerk en Vakbeweging’, belegd door CNV en FNV. “In mijn bijdrage betoogde ik dat de sociale kwestie van de 19de eeuw is teruggekeerd,” aldus de Utrechtse aartsbisschop. Toen Ariëns in oktober 1886 in Enschede aantrad was het een smerige fabrieksstad, waar vele arbeiders uit wanhoop aan de drank gingen. Kardinaal Eijk: “En wat zien wij nu, anno 2019 in Enschede, na jarenlange groei van de economie? Er is een grote kloof tussen arm en rijk. Veel mensen die fulltime werken, verdienen desondanks te weinig om de eindjes aan elkaar te knopen. Eigenlijk worden zij uitgebuit. De economische groei komt vooral de hoger opgeleiden ten goede. Mensen die geen werk hebben, moeten zien rond te komen van een heel lage uitkering. De grote meerderheid van hen zou graag werken en voelt zich door werkeloosheid in hun menselijke waardigheid aangetast. En ook al is in Enschede de werkeloosheid de laatste jaren gedaald, zoals in heel Nederland, toch stond Enschede vorig jaar met 7,1 procent werkeloosheid in de top 5 van Nederlandse steden met de hoogste werkeloosheid. Landelijk bedroeg dat toen 3,9 procent. Armoede valt niet zo in het oog als in de 19de eeuw maar is nog steeds een actueel probleem. Anders hoeven we vandaag tijdens de offerande geen inzameling te houden voor de voedselbank. Daarom is de boodschap van Alphons Ariëns ook nu nog steeds actueel.”

‘Licht van Christus’
Ariëns hielp arbeiders niet alleen individueel of als groep in zijn parochie. Hij zag in dat er ook wat moest worden gedaan aan de sociale structuur van de samenleving die armoede in de hand werkte. Daarvoor werkte hij aan de vorming van een katholieke sociale beweging die uiteindelijk zou leiden tot de oprichting van de Katholieke Arbeidersbond. “Het valt zeer te betreuren dat zijn boodschap in dit opzicht in vergetelheid is geraakt. In onze hyper-individualistische samenleving zijn mensen niet gewoon zich aan te sluiten bij een vereniging,” aldus kardinaal Eijk.
Alphons Ariëns ondervond tegenstand, “van collega-priesters en zelfs van zijn aartsbisschop. Dat was toen blijkbaar al een moeilijke figuur,” aldus de huidige aartsbisschop. “Mgr. Van de Wetering, de toenmalige aartsbisschop, had aanvankelijk weinig op met het begin van de katholieke sociale beweging. Pas veel later, tegen het einde van de jaren ‘10 van de vorige eeuw, kreeg hij oog voor de verdiensten van mgr. Ariëns en ging hij hem waarderen.”
“Alphons Ariëns vertegenwoordigde als priester Jezus in persoon. In wat hij zei, in zijn sobere levenswijze en in wat hij deed voor medemensen in nood in zijn tijd straalde het licht van Christus’ liefde helder door. Hij bracht zo licht in het leven van veel arbeiders en armen. Bomen groeien niet tot de hemel, maar de zielen van mensen wel, of ze nu rijk of arm zijn, als zij zich door Christus, de zon van de gerechtigheid laten leiden. Dit licht van Christus straalde door in de persoon van Alphons Ariëns.”
icon1

Beste mensen, goedemorgen,

Mijn naam is Adrie Bakker en ik ben penningmeester van het Ariëns-Comité. We zijn verheugd met de muzikale klanken van de Koninklijke Leo Harmonie, evenals met de zang van het Ariëns Koor uit Enschede. Welcome to our English speaking friends und wilkommen an unsere Deutsche gäste.

In het inlegvel in het misboekje treft u informatie aan over wat we doen als Ariëns-Comité. Wij herdenken vandaag de eenennegentigste sterfdag van Alphons Ariëns. We organiseren diverse herdenkingen in Maarssen, Utrecht, Steenderen en vandaag in Enschede.

De Ariëns Lezing 2019 is dit jaar gehouden door Dr. Paul Luijkx, historicus. Hij heeft een biografie geschreven over Dr. Gerard Brom en heeft van daaruit de relatie tussen Brom en Ariëns uiteen gezet.

We hebben op 12 oktober de Ariëns Prijs voor Diaconie 2019. De genomineerde initiatieven zijn alle beschreven in het boekje ‘Je moet het zien’, dat achterin de kerk verkrijgbaar is.

Alle informatie staat op onze site.

Wij vertellen u elk jaar ook over de voortgang van het proces tot zaligverklaring in Rome. We vorderen in het maken van de diverse onderdelen van de Positio Causae, vertalen die telkens in het Italiaans en stemmen af met de postulator en relator in Rome.

Ik vraag vooral nog uw aandacht voor onze oproep tot getuigenis van devotie. Voor zowel de levende devotie tot Ariëns als bijzondere tekenen daarvan wil het Ariëns-Comité getuigenissen inzamelen. Misschien zijn er mensen die een genezing aan Ariëns’ voorspraak toeschrijven of regelmatig tot hem bidden. Misschien zijn er mensen die er vanuit hun geloof en devotie van overtuigd zijn dat er op voorspraak van Ariëns iets bijzonders is gebeurd of een gebedsverhoring heeft plaatsgevonden. Het Ariëns Comité ontvangt graag een brief, voorzien van volledige naam en contactgegevens, waarin getuigenis wordt gegeven over de devotie, het geloof, de voorspraak, de ontvangen gunst. Die brief kunt u ook aan ons mailen. U vindt onze adressen op onze site.

Ik wens ons allen een goede Ariënsgedachtenis viering toe.

Tekst by Hub Crijns,
vice-voorzitter Het Ariëns-Comité
icon1

Ariëns’ inzet voor rechtvaardigheid

Preek van Dr. G.J.N. de Korte, bisschop van Groningen-Leeuwarden, zoals gehouden tijdens de Ariënsherdenking in Enschede op 21 november 2010 en gepubliceerd in het boek ‘Bouwen in vertrouwen. Gedachten van een bisschop’, Adveniat, Baarn, 2013, in hoofdstuk 4 ‘Kerk in de samenleving’, pag. 116-121.

Ariëns' inzet voor rechtvaardigheid

Inleiding

In het evangelie horen wij Jezus zeggen dat iemand alleen wanneer hij bereid is zijn kruis op te nemen, een leerling van de Heer kan zijn (Lucas 14,27). christen zijn en zijn kruis dragen horen in die zin bij elkaar. Nu kun je zeggen dat ieder mens in zeker opzicht een kruisdrager is. Vroeg of laat wordt het kruis je gewoon opgelegd. Mensen kunnen te maken krijgen met een ziekte die niet meer overgaat. De chronische ziekte vormt dan een kruis. Datzelfde geldt voor het sterven van een dierbare, voor ontrouw tussen mensen of werkloosheid. In vele gestalten wordt het kruis op de schouders van mensen gelegd. Zo lijkt het dragen van het kruis een onderdeel van de menselijke conditie. Kwetsbare, broze, sterfelijke mensen krijgen op een of andere wijze te maken met lijden en ongemak, met kwaad en dood. Toch spreekt Jezus op een heel specifieke manier over het dragen van het kruis. Het heeft te maken met het leerling zijn van de Heer. Volgelingen van christus moeten rekenen op weerstand. In onze geschonden wereld zijn machten en krachten werkzaam die zich verzetten tegen het evangelie en de komst van het Koninkrijk. Leven vanuit het evangelie vraagt dan ook de bereidheid kruisdrager te worden. Ongetwijfeld heeft ook Alphons Ariëns, een van belangrijkste figuren uit de tijd van de katholieke emancipatie in ons land, daarvan uit eigen ervaring weet gehad.

Jaren van vorming

Geboren te Utrecht in 1860 als zoon van een advocaat, groeide Ariëns in alle rust en geborgenheid op. Zijn ouders bewoonden een huis in de Hamburgerstraat, in het hart van de stad. Alphons bleek een intelligent kind. Op tienjarige leeftijd werd de jongen naar het internaat Rolduc gestuurd. Na zijn middelbare school in Rolduc en het grootseminarie Rijsenburg. werd hij geselecteerd voor verdere studies. Na zijn priesterwijding in 1882 (met dispensatie wegens zijn te jonge leeftijd) ging Ariëns studeren in Rome. De studie dogmatiek zou worden bekroond met een promotie. In de Eeuwige Stad studeerde hij ijverig en genoot hij met volle teugen van de rijke cultuur die hem omringde. In zijn vakanties doorkruiste hij Italië in alle richtingen. Hij ging zo van het land en het volk houden dat hij zich ‘italofiel’ noemde. Als zoon van een meester in de rechten ontwikkelde Alphons al vroeg een sterk rechtsgevoel. Over schendingen van het recht kon hij zich enorm opwinden. In Italië had hij niet alleen oog voor de rijke cultuur, maar ook voor de sociale gevolgen van de modernisering en industrialisering van de samenleving. In Turijn maakte hij kennis met Don Bosco en diens jeugdwerk. Weeskinderen en zwerfjongeren werden door de Salesianen van Don Bosco opgevangen en leerden een beroep. Op Sicilië daalde Ariëns af in de zwavelmijnen van Comitini om er van nabij de onmenselijk zware arbeid te leren kennen. Deze ervaringen waren van beslissende betekenis voor zijn latere leven, vooral ook in sociaal opzicht. In juli 1884 werd de jonge priester ingekleed in de Derde Orde van Sint-Franciscus. Met de grote heilige van Assisi voelde Ariëns zich geestelijk verwant. Zijn opvatting over geld - niet als doel op zichzelf maar als middel om goed te doen aan anderen - is typisch franciscaans. Onthechting en soberheid gingen zijn levensstijl bepalen.

Kapelaan in Enschede

Na zijn studie en promotie in Rome werd de jonge doctor in oktober 1886 benoemd tot kapelaan in Enschede, het centrum van de Twentse katoenindustrie. In Enschede ontmoette hij velen die een zwaar kruis moesten dragen en leerde hij zelf het kruis te dragen omwille van het Koninkrijk. Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw ontwikkelde Enschede zich tot centrum van de economische ontwikkeling in Twente. Al eeuwen verbouwden Twentse boeren op hun akkers vlas, dat thuis op spinnewielen tot garen werd gesponnen. Vervolgens vervaardigden zij linnen stoffen. De textielnijverheid werd echter meer en meer gemechaniseerd. Textielfabrikanten kochten stoommachines voor de weeflokalen. Tegen deze schaalvergroting van de productie konden de thuiswerkers onmogelijk op.

De Industriële Revolutie ging gepaard met een immense sociale nood. Enschede werd een fabrieksstad met een arbeidersbevolking die slecht gevoed, gekleed en gehuisvest was. Diefstal en geweld waren aan de orde van de dag. Diepe armoede en een immens drankmisbruik waren centrale problemen waarmee de jonge priester in aanraking kwam. Met veel energie en de bereidheid om offers te brengen ging Ariëns aan de slag. Als leerling van christus werkte de jonge priester keihard om de positie van de katholieke arbeiders te verbeteren. Juist zijn door opvoeding en ervaring gevormde besef van rechtvaardigheid gaf Ariëns de energie om te werken voor de emancipatie van de katholieke arbeiders van Enschede. Pastoraal werk en sociaal werk gingen hand in hand. In 1889 werd de Rooms-Katholieke Arbeidersvereniging Sint-Joseph opgericht. Aartsbisschop Van de Wetering benoemde kapelaan Ariëns tot geestelijk adviseur van deze organisatie, die door arbeiders zelf was gesticht en werd geleid. Dr. Ariëns was eigenlijk voorstander van een interconfessionele arbeidersbeweging, maar hij legde zich neer bij het beleid van de aartsbisschop, die vasthield aan een louter katholieke vakorganisatie. Voor de godsdienstige en maatschappelijke vorming van de arbeiders had Ariëns een gebouw nodig. Hij schreef fondsen aan en in 1891 werd het gebouw feestelijk geopend. Dr. Herman Schaepman, een leermeester van Ariëns en leider van de katholieken in het parlement, hield de feestrede. Het arbeidersgebouw, in de volksmond Tivoli genoemd, werd het centrum van de katholieke arbeiders in Enschede. Allerlei activiteiten van scholing en recreatie werden er georganiseerd. In nauwe samenwerking met drukker Bruggeman begon Alphons Ariëns ook een blad, onder de titel ‘De Katholieke Werkman’. Zo had hij een ander kanaal om te werken aan de emancipatie van de arbeiders.

Emancipatie ging bij Ariëns samen met het bestrijden van het socialisme. De sociaaldemocratie presenteerde zich in de vorige eeuw antikerkelijk en antigodsdienstig. De jonge priester wilde met al zijn activiteiten een eigen katholieke weg voor de emancipatie van de arbeiders aangeven. Bij arbeidsonrust, bijvoorbeeld doordat de lonen door fabrikanten werden verlaagd, trad Ariëns op als bemiddelaar. In plaats van door stakingen hoopte hij door onderhandelingen zijn doel te bereiken.

Ter ondersteuning van ontslagen arbeiders stichtte kapelaan Ariëns in Haaksbergen een eigen weverij, De Eendracht. Maar de onderneming werd geen succes en ging uiteindelijk te gronde. Zo gaf zijn inzet voor rechtvaardigheid Ariëns veel zorgen. Om zijn schuldeisers te betalen was hij zelfs genoodzaakt zijn miskelk te verkopen. Maar Ariëns gaf, ondanks alle zorgen en persoonlijke offers, zijn beste krachten voor de goede zaak. Een nieuw plan moest worden gerealiseerd: de bouw van een gemeenschapshuis in het hart van de stad. Naar de mening van Ariëns moest het gebouw ook voor middenstanders toegankelijk zijn. Het gebouw, Concordia geheten, moest de eendracht en samenwerking van de katholieken van Enschede symboliseren.

Strijd tegen de drank

Door de sociale ellende zochten veel arbeiders naar een tijdelijke verdoving. Misbruik van sterke drank was het gevolg. Het alcoholisme betekende niet alleen een ondermijning van de gezondheid van menige arbeider, maar ook armoede voor zijn vrouwen kinderen. Het karige loon werd door veel arbeiders in alcohol omgezet, zodat tal van gezinnen gebrek leden aan het meest noodzakelijke. Ariëns maakte de drankbestrijding tot een speerpunt van zijn sociaal werk. Hij begreep dat een stroom van sterke drank alles weer dreigde weg te spoelen wat hij met veel moeite had opgebouwd. In 1895 richtte kapelaan Ariëns dan ook met enkele arbeiders een bond voor geheelonthouders op, het Kruisverbond. Voor vrouwen stichtte hij de Mariavereniging en in de Sint-Annavereniging werd de alcoholvrije opvoeding van de jeugd gewaarborgd. In 1899 verenigden de diocesane bonden die streefden naar matigheid, zich in de landelijke federatie Sobriëtas. Op menig congres tegen drankmisbruik heeft dr. Ariëns deze federatie vertegenwoordigd.

Pastoor te Steenderen en Maarssen

In mei 1901 werd Alphons Ariëns benoemd tot pastoor te Steenderen. Na de grote fabrieksstad volgde nu de overgang naar een landelijk Gelders dorp. Na een uitbundig afscheid in Enschede betrok hij de rustige pastorie van Steenderen. Naast het parochiepastoraat behield dr. Ariëns voldoende tijd voor allerlei activiteiten buiten de parochie. Zo kreeg hij van aartsbisschop Van de Wetering toestemming om actief te blijven in de landelijke bestrijding van het alcoholisme. Ook Steenderen bleek niet vrij van drankmisbruik, zodat hij in zijn eigen parochie een Kruisverbond oprichtte. Op verzoek van de regering nam dr. Ariëns ook zitting in een staatscommissie die een onderzoek ging instellen naar de arbeidsvoorwaarden van het spoorwegpersoneel. Het werk voor de parochie bleef dus gecombineerd met allerlei activiteiten ten behoeve van de arbeiders.

Na zeven jaar Steenderen volgde in 1908 de benoeming tot pastoor van het Utrechtse Maarssen. Ook in deze parochie richtte Ariëns een aantal sociale en godsdienstige verenigingen op. Naast allerlei parochieactiviteiten wist hij tijd vrij te maken voor het schrijven van allerlei artikelen voor dagbladen en tijdschriften. Ariëns heeft voor zijn inzet voor rechtvaardigheid tegenstand en gezapigheid moeten weerstaan en veel persoonlijke offers gebracht.

Uiteindelijk kreeg hij echter steeds meer waardering voor zijn grote inzet voor de katholieke zaak. In 1919 werd hij benoemd tot geheim kamerheer van de paus. In monseigneurs toog met paarse sjerp vierde pastoor Ariëns in 1922 in Maarssen op grootse wijze zijn veertigjarig priesterjubileum. Vele vooraanstaande katholieken gaven acre de présence. Maar al spoedig werd duidelijk dat de krachten waren uitgeput. Een ernstige nierkwaal openbaarde zich en maakte verder functioneren als pastoor onmogelijk. In november 1926 kreeg hij dan ook eervol ontslag en ging hij rusten bij de zusters van Sint-Joseph in Amersfoort. Na een tijdelijk herstel volgde de definitieve aftakeling. Op dinsdag 7 augustus 1928 blies Alphons Ariëns de laatste adem uit. Na een uitvaartmis in de parochiekerk te Maarssen werd hij op het plaatselijke kerkhof begraven.

Erflater

Op de eerste verjaardag van zijn overlijden werd Ariëns door een aantal vrienden herdacht. Tot op de dag van vandaag vindt ieder jaar in de maand augustus in de parochie van Maarssen een Ariënsherdenking plaats. In 1936 werd in Enschede een groot standbeeld van de grote katholieke emancipator onthuld. Ariëns leefde in de harten van veel gelovigen. Scholen en tehuizen werden naar hem genoemd. In 1958 begon het proces voor de zalig- en heiligverklaring van dr. Ariëns. Op verzoek van het Ariënscomité besloot aartsbisschop Alfrink voor dit doel een kerkelijke rechtbank op te richten. Tot op de dag van heden zijn de stukken van het proces bij de bevoegde Congregatie te Rome in behandeling. Ariëns was een vroom priester. Eucharistie, getijden en rozenkrans bepaalden zijn dagritme. Meermalen per week hield hij met een aantal trouwe kerkgangers aanbidding voor het tabernakel. Maar het priesterlijk leven bleef niet beperkt tot kerk en sacristie. In het leven van Ariëns waren actie en contemplatie harmonieus met elkaar verbonden. Zijn pastoraat en zijn inzet voor de katholieke zaak vormden een eenheid. Zo heeft Ariëns een evenwichtig christelijk leven in beeld gebracht, verticaal en horizontaal. Dienst aan de Heer en dienst aan zijn mensen zijn in zijn spiritualiteit nauw verbonden. Dr. Alphons Ariëns is een van de leidende figuren van de katholieke emancipatie geworden, juist ook van de emancipatie van de katholieke arbeiders. Wij leven in een andere tijd met andere noden en uitdagingen. Maar desondanks blijft Ariëns voor ons een erflater.

Dr. Ariëns bracht een integraal christelijk humanisme in beeld. Vanuit de liefde voor God was hij beschikbaar voor mensen, juist ook voor de kleinen en kwetsbaren van deze wereld. In een evenwichtig christelijk leven zullen ook vandaag actie en contemplatie verbonden zijn: geen wereldvreemd piëtisme, maar ook geen activisme zonder geestelijke wortels. Toen kardinaal Willebrands in 1979 zijn nieuwe priesteropleiding met de naam van Ariëns verbond, maakte hij daarmee een duidelijke keuze. De priesterstudenten en priesters van het aartsbisdom en het bisdom Groningen kunnen in Alphons Ariëns een identificatiefiguur ontdekken. Een katholiek priester leeft vanuit het geheim van de drie-ene God. Eucharistie en getijdengebed zijn dragende pijlers van zijn geestelijk leven. Maar de God die de priester, in kracht van de Geest, in het gelaat van Jezus christus mag ontmoeten, verwijst direct door naar het concrete leven waarin tekens van het Godsrijk moeten worden opgericht. Juist in een wereld die gericht is op welvaart, consumptie en amusement, zal de priester wijzen op andere dimensies van het menselijk bestaan. De navolging van Christus krijgt juist daar gestalte waar mensen elkaar liefdevol dienen, elkaar vergeving schenken en gericht zijn op gerechtigheid en vrede. Wat geldt voor de gewijde priester, geldt ten diepste ook voor heel het priesterlijk volk van God. Zo kan Ariëns ons allen inspireren door zijn voorleven van een integraal christelijk humanisme en zijn inzet voor rechtvaardigheid, ondanks onverschilligheid en weerstand.
cross

Vai all'inizio della pagina